De Omgevingswet legt een grote nadruk op participatie van belanghebbenden: inwoners, bedrijven, belangenorganisaties en andere bestuurslagen. In 2021 wordt de Omgevingswet van kracht, maar gemeenten kunnen nu al aan de slag met de implementatie en sommige voorlopers doen dat ook al.

Met de Omgevingswet veranderen bevoegdheden van de gemeenteraad binnen het ruimtelijk domein van de gemeente. Maar ook de zachte kant van besturen verandert, door nieuwe werkwijzen die nodig zijn om invulling te geven aan samenwerking en participatie. Er moet een nieuw evenwicht gevonden worden tussen kaders stellen, controleren en vertegenwoordigen. Tegelijkertijd zal ook een nieuw balans ontstaan tussen raad, college en samenleving.

De ParticipatiePraktijk heeft in opdracht van de Nederlandse Vereniging voor Rekenkamers en Rekenkamercommissies (NVRR) onderzoek gedaan naar deze veranderingen en biedt met deze handreiking rekenkamers en rekenkamercommissies praktische handvatten om hun gemeenteraad of -raden te ondersteunen bij het vinden van een nieuw evenwicht. Het onderzoek is gebaseerd op interviews met betrokkenen en deskresearch.

De handreiking behandelt achtereenvolgens de achtergrond van de Omgevingswet en de belangrijkste instrumenten die de gemeente in handen krijgt. Hierna staat de kaderstellende, controlerende en volksvertegenwoordigende rol van de gemeenteraad centraal. Wat zijn belangrijke aandachtspunten per rol en hoe kan de rekenkamer(commissie) de raad daarbij dienstbaar zijn?

De handreiking sluit af met suggesties voor eigen rekenkameronderzoek, inspiratie vanuit afgerond rekenkameronderzoek en een overzicht van mogelijke ketenpartners waarmee de gemeente te maken heeft. Grosso modo zijn de aandachtspunten en handvatten in deze handreiking ook van toepassing op de provincie en de relatie tussen Provinciale Staten, Gedeputeerde Staten en samenleving.

Handreiking Omgevingswet voor rekenkamer(commissie)s

10 juli 2018, PDF